Ken jij je collega’s?

Sinds corona is hybride werken de norm: vorig jaar kon ruim 60% van de werknemers gedeeltelijk thuiswerken.

Werk jij weleens thuis? Waarschijnlijk wel. Vaak is dat prettig: rustiger, productiever, geen reistijdverlies en makkelijker om privé met werk te combineren.

Nog een feit: volgens EenVandaag werkten er in augustus vorig jaar meer dan 1,1 miljoen buitenlanders in Nederland en deze groep groeit jaarlijks met ongeveer zes procent. Serieuze getallen.

Grote kans dus dat een collega, of misschien jijzelf wel, een taalcursus heeft gevolgd om Nederlands te leren, tijdens werktijd of ’s avonds. Maar … is het nuttig?

“Waarom volg je deze cursus?” vraag ik altijd bij de start van een taalcursus. Aan het einde vraag ik iets vergelijkbaars: “Wat heeft de cursus je opgeleverd?”

Een kort overzicht van wat antwoorden:

  • Mijn contact met buren is beter.
  • Ik doe mee met buurt- en werkfeestjes.
  • Ik ken collega’s beter door gesprekken over werk en taal.
  • Ik begrijp waar collega’s het over hebben.
  • Ik durf mee te praten in de pauze.
  • Ik begrijp liedjes op feestjes en in café
  • Na twee jaar hoor ik wat er op het station omgeroepen wordt.
  • Ik snap zinnen in bus, horeca of supermarkt.
  • Ik durf meer Nederlands te spreken.

Opvallend: meer dan de helft van de antwoorden gaat niet over grammatica of spreken, maar over verbondenheid en menselijk contact.

Dat is ook precies waarom bedrijven vaak taalcursussen aanbieden: samen leren versterkt de band tussen collega’s. Nu hybride werken de norm is, is sociaal contact belangrijk voor werkkwaliteit en welzijn. Samenwerken met collega’s gaat namelijk beter als je ze kent.

De vraag “Waarom spreek je nog geen Nederlands, je hebt toch een taalcursus gevolgd?” is terecht, maar relevanter is: “Wat heeft de cursus jou gebracht?”

Taal leren verbindt. Hybride werken is praktisch en soms eenzaam. Taalcursussen zijn pittig, plezierig, vermoeiend, maar bovenal verbindend.

Paula van der Kolk
Senior trainer zakelijk Nederlands